vrijdag 19 december 2014

Inkooptrends 2015


Traditiegetrouw eindigt elk jaar weer met een lijstje met trens voor het komende jaar. Ook Inkoop heeft zo’n lijstje. Supply Value heeft er zelfs een wereldwijd onderzoek aan gewijd. Nummer 1 dit jaar: ketenoptimalisatie. Nogal een containerbegrip want daar hebben een aantal andere items in de top 10 ook mee te maken: toename van leveranciersbetrokkenheid (5), doelmatigheid (6) en transparantie in de keten (7). Met een beetje goede wil kun je een aantal andere toppers hier ook nog wel onder scharen.

De keten dus. Gebonden door regels en geleefd door slechte ervaringen is dit voor inkopers bij de overheid een lastig item. Dat blijkt al jaren uit de lage scores van de MSU+ benchmark. Toch blijkt er wel een behoefte te zijn om de relatie met de leverancier aan te halen. Niet voor niets neemt het aantal marktconsultaties bij de overheid fors toe en  is prestatie-inkoop ongekend populair in Nederland. Maar dat is pas een eerste stap op weg naar ketenoptimalisatie. Daar is veel meer voor nodig. Ik heb soms wel eens het idee dat de keten nog ontwikkeld moet worden.


Wat mij in het lijstje van Supply Value verder opviel was dat, net als vorig jaar, de (interne) klant mist. En dat is raar. Is inkoop soms een op zich zelf staande eenheid bij de organisatie? Maakt de klant geen deel uit van de keten? Dat zou toch niet mogen. Daarnaast lijkt er ook een tegenstrijdigheid in dit lijstje te zitten. Of positief geformuleerd: het lijkt mij een enorme uitdaging om ketenoptimalisatie te combineren met kostenbesparingen (2) en Total Cost of Ownership (9). Kortom, altijd leuk om dergelijke lijstjes te lezen (ik kijk er eerlijk gezegd altijd wel naar uit), maar nog leuker om te bedenken wat de eigen organisatie gaat doen.

In mijn persoonlijke lijstje staan dan contractmanagement en doelmatigheid (6) hoger. Binnen de Rijksoverheid krijgt digitalisering van inkoopprocessen (8) heel veel aandacht. Niet alleen via Tenderned en Digi-inkoop maar ook informatievoorziening gaat zich sterk ontwikkelen. 

Innovatie wordt een heel belangrijk thema. Niet alleen vanwege de aandacht voor innovatiebevorderende technieken, maar ook de snelle ontwikkeling van informatietechnologie, verouderende infrastructuur, milieu en klimaat, hogere maatschappelijke eisen, bezuinigingen op apparaatskosten, veranderingen in het personeelsbestand en werken als één concern zijn hot items. De huidige oplossingen volstaan niet altijd om deze nieuwe uitdagingen aan te gaan. Innovaties zijn hard nodig.  

En dan concludeer ik dat bij mij samenwerking met leveranciers op 1 staat. Bij de overheid zijn er al een een aantal thema’s die samenwerking in de keten vereisen; ik noem social return, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord inkopen. Dat is al heel mooi. Het kan nog mooier. Daarom zal er volgens mij de komende tijd ook veel aandacht moeten zijn voor de ontwikkeling van soft skills. Skills die nodig zijn voor een goed relatiemanagement, zowel intern als extern.

2015 wordt weer een mooi inkoopjaar. Ik heb er nu al zin in!

dinsdag 2 december 2014

Dag van de Rijksinkoop

Kort na de Leveranciersdag organiseerde het Rijk alweer een hele mooie bijeenkomst: de Dag van de Rijksinkoop. 
We zijn al bijna een jaar onderweg met de nieuwe Rijksinkooporganisatie. Het was een turbulente tijd: nieuwe teams zijn gevormd, medewerkers veranderden van plek, de twintig nieuwgevormde inkooppunten bepaalden hun koers. Het werd dus eens tijd om met elkaar eens ‘vanuit de lucht’ te kijken naar de resultaten die we bereikt hebben. Daarom checkten we in bij de balie van het LEF Future Center van Rijkswaterstaat voor een bijzondere reis.



De dag stond in het teken van kennis maken met collega’s van de verschillende inkooppunten. Horen wat hen bezighoudt, welke ontwikkelingen bij hen spelen. Elkaar inspireren. En we gingen met elkaar aan de slag, om te kijken op welke terreinen we meer met elkaar kunnen delen.

Daan Langendoen, CPO Rijk en Hans Trum, Coördinerend Directeur Inkoop van de Belastingdienst zorgen voor de take off. Daan zat gelijk met een dilemma: terug naar Den Haag voor dingen die moeten of hier blijven voor een onderwerp dat echt leuk is, dat hem aan het hart gaat. Hij koos dapper voor de plicht. 
Hans dacht als souvenir spiegeltjes en kraaltjes te verzamelen. Spiegeltjes om zich te kunnen spiegelen aan de ervaringen van andere inkooppunten en kraaltjes als metafoor voor de best practices. Beide kon hij in ruime mate mee terug nemen, zo bleek al snel!




Eenmaal op weg werd de reizigers gelijk een filmpje voorgeschoteld. Ruud Olthoff, CPO van de Rabo sprak de reizigers toe vanuit zijn verkeerstoren in Utrecht. De buitenwereld binnenbrengen; daar gaat het bij Inkoop om was zijn openingszin. De aanwezigen gingen er eens goed voor zitten. Wees trots op jezelf hield hij ons ook voor. De overheid doet zoveel mooie dingen waar het bedrijfsleven alleen maar van kan leren. Hij noemde bijvoorbeeld PIANOo-desk als de grootste online inkoopcommunity ter wereld. Best Value Procurement en circulair inkopen waren twee inkooponderwerpen die hij heel bijzonder vond. Zo kwamen wij wel in de wolken!



Daarna gingen wij zelf aan de slag. Zoek de overeenkomsten en verschillen tussen de werkwijzen van de verschillende inkooppunten en leer van elkaar. De overeenkomsten bleken sneller gevonden dan de verschillen. Toch bleken die er na wat dieper spitwerk wel te zijn. Er kon dus ook van elkaar geleerd worden. Heel wat onderwerpen werden genoemd. Ook hier weer veel aandacht voor de voor- en achterkant van het inkoopproces. Naast kennis bleek er ook een behoefte aan andere vaardigheden: het gesprek met de business aangaan, functioneren als een volwaardige gesprekspartner. Dat zijn heel andere vaardigheden dan de Aanbestedingswet goed kunnen toepassen!

Hans sloot af met de mededeling dat we na deze dag het vluchtplan niet wijzigen. We gaan met zijn alle de goede richting uit en hebben vandaag onze koers weten te verankeren. We nemen alleen mooie souvenirs mee terug en geen extra bagage. Dat zorgde voor een zachte landing en een veilige aankomst na een mooie reis.



zondag 30 november 2014

Leveranciersdag Rijksoverheid

Op 28 november vond alweer de zesde leveranciersdag van de Rijksoverheid plaats. Dit keer georganiseerd door het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Gelijk maar de complimenten voor de prima organisatie! Met ruim 500 inschrijvingen is dit, na het PIANOo-congres, waarschijnlijk het grootste inkoopevenement van Nederland. Het bedrijfsleven was ruim vertegenwoordigd.

De dag werd geopend door de plv Secretaris-Generaal van VenJ, Nicole Stolk-Luyten en door de Directeur-Generaal Organisatie en Bedrijfsvoering Rijk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Simone Roos. Misschien wat veel aandacht voor functies, maar ik wil er maar mee aangeven dat inkoop serieus genomen wordt bij de Rijksoverheid. Heel serieus.



Simone ging onder meer in op een onderwerp waarmee de overheidsinkoop de laatste tijd in een negatief daglicht werd gezet: integriteit of beter gezegd het vermeende gebrek aan integriteit. Zij maakte de terechte opmerking dat het lijkt of alle schuld bij de inkopers gelegd wordt. Hierbij gaat men voorbij aan de druk die wordt opgelegd vanuit de interne organisaties, door bijvoorbeeld projectverantwoordelijken of door de leiding. Dat maakt het voor inkopers niet makkelijker en ook niet leuker. 

Daarna waren er een groot aantal workshops, voornamelijk gegeven door de categoriemanagers, al of niet bijgestaan door hun contractmanager. Ik heb drie presentaties bijgewoond. Meer kon helaas niet. Wat mij opviel in die drie workshops was de grote mate van openheid naar de markt. Ik was, na alle negatieve berichtgeving, bang dat de afstand tot de markt vergroot zou zijn. Gelukkig bleek dat dus niet het geval. Integendeel; de categoriemanagers wilden heel graag een goed contact met de markt, wilden weten hoe de markt hun kon helpen om beter in te kopen.

De eerste bijeenkomst ging over Grondstoffenmanagement en afvalzorg. Hoe kan ik ervoor zorgen dat het MKB kan meedoen aan onze aanbestedingen? Zijn meerdere percelen de oplossing? Er werden veel waardevolle tips gegeven. Opvallend was dat vanuit de zaal ook kritisch naar de eigen  markt werd gekeken. Stel je op de hoogte van de werking van een aanbestedingsprocedure. Geef antwoord op de vragen die gesteld worden, durf ekaar op te zoeken om gezamenlijk in te schrijven. Leuke discussie!

De volgende workshop ging over de weg naar een duurzame Bedrijfscatering. De meningen over de invloed van de catering op de vitaliteit van de werknemer waren verdeeld. Te  weinig invloed (alleen de lunch), te betuttelend om alle vette hap te verbieden of just een volmondig Ja! Invloed zit dan vooral in de keuze van het aanbod, voorlichting en het verminderde gebruik van verpakkingsmateriaal. Je proefde de emotie die verbonden is aan dit onderwerp.

Mijn laatste sessie was de categorie Inkoop-, aanbestedings- en juridisch advies. De startvraag was heel open: hoe moeten wij als overheid beter aanbesteden? Dat werd het begin van een bijzonder geanimeerd gesprek, waar heel veel onderwerpen ter sprake kwamen. Een paar highlights, die ik ook al in de andere sessies hoorde: meer kennis van de markt, vaker marktconsultaties houden, vaker gebruik maken van prestatie-inkoop (Best Value Procurement) en meer aandacht voor contractmanagement. Met andere woorden: meer contact tussen overheid en markt.

Het mooist werd dat laatste geïllustreerd door de afsluitende oproep om een vervolggesprek te voeren. "Geef mij je kaartje en ik maak een afspraak" zei de laatste spreker. "Echt waar; doe je dat??" was een verbaasde reactie uit de zaal. "Ja, echt waar, ik vind het namelijk heel normaal om met elkaar te praten" zei de even verbaasde categoriemanager.

Het gesprek met elkaar aangaan. Dat was de geslaagde bedoeling van deze dag en werd het mooie vervolg. Volgens mij is de basis voor waardecreatie gelegd.

r

zaterdag 15 november 2014

Kwaliteitsmanagement bij de rijksinkoop

Sinds een maand ben ik werkzaam bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Als kwaliteitsmanager inkoop heb ik misschien wel de leukste inkoopfunctie bij het Rijk. Ik hoop overigens dat iedereen dat van zijn eigen functie zegt!
Een heel andere omgeving dan bij PIANOo, dat was vanaf binnenkomst wel duidelijk. Ik viel midden in de Zembla hectiek en vervolgens in de publicatie van het rapport van de commissie Elias. Voordat ik goed en wel geïnstalleerd was, was ik al druk bezig met de beantwoording van kamervragen en aan het meeschrijven aan de kabinetsreactie op het rapport. Inkoop was nog nooit zo politiek als nu.
Heel leuk om binnen zo'n korte tijd op zo'n totaal andere wijze met het inkoopvak bezig te zijn.Want dat wordt met alle negatieve publiciteit nog al eens vergeten: inkoop, en zeker de overheidsinkoop, is een betrekkelijk jong vakgebied dat nog volop in ontwikkeling is. Dat was voor mij een belangrijke reden om bij de rijksinkoop te gaan werken. Daar is de ontwikkeling volop in gang en daar wil ik graag een bijdrage aanleveren. Nu ik dit type bedenk ik mij trouwens dat dit ook een zin uit mijn sollicitatiebrief was!

Een heel belangrijke stap in de richting van een professionele rijksinkoop is al gezet met de vorming van twintig inkooppunten in plaats van de ongeveer 300 die er eerst waren. Het invoeren van categoriemanagement was een tweede. Een heel groot deel van de generieke inkoop van de rijksoverheid loopt via één van de 34 inkoopcategorieën. Die inkooppunten en het categoriemanagement zijn zich nog aan het in meer of mindere mate aan het ontwikkelen. En daar komt het kwaliteitsmanagement om de hoek kijken.
Bij de rijksoverheid is gekozen voor het Michigan State University model oftewel het MSU model om inkoopprocessen te benchmarken. Dit model onderkent veertien processen: acht strategische en zes ondersteunende. Mijn persoonlijke missie is om zoveel mogelijk (lopende) verbeteracties te vatten in deze processen. Zo valt categoriemanagement onder strategisch proces 2: ontwikkelen van een strategisch inkooppakket. Na dat voor allerlei activiteiten vastgesteld te hebben is het vervolg om te bepalen welk niveau we nu hebben, welk niveau we willen bereiken en wat daar voor nodig is. Heel leuk vond ik dan ook dat een collega die zich met rijksbrede inkoopinformatievoorziening bezig houdt naar mij toe kwam met de vraag wat hij kon bijdragen aan de score binnen het MSU model (ondersteunend proces 5: informatietechnologie voor inkoop).


In mijn takenpakket zit het onderwerp opleidingen. Dat past mooi in het ondersteunende proces 6: HRM. Naast het maken en beheren van een jaarlijks opleidingsplan, hou ik mij dan ook ook bezig met strategisch personeelsbeleid. De andere grote klus uit mijn takenpakket is Innovatie. Dat plaats ik onder strategisch proces 5: optimaliseren van product/procesinnovatie en -ontwikkeling. Zo krijgt alles een plaats en zijn we gestructureerd aan het werken aan een professionele rijksinkoop.
Wat het werk voor mij extra leuk maakt is dat ik overal mensen tegenkom die enthousiast bezig zijn met met één of ander onderdeel van de MSU processen. Die mensen probeer ik bij elkaar te brengen en te ondersteunen.


Ik ben er heilig van overtuigd en heb ook al gemerkt dat er binnen de rijksoverheid heel veel mensen zijn met hart voor het inkoopvak. Daarmee is de eerste  grote stap op weg naar Purchasing Excellence al gezet!




donderdag 9 oktober 2014

Vertrouwen tussen markt en overheid: it takes two to tango


Geen onderwerp is bij de inkoop van de overheid op dit moment zo actueel als de relatie tussen markt en overheid. PIANOo, het expertisecentrum aanbesteden van het Ministerie van Economische Zaken ontplooit de laatste jaren allerlei activiteiten om die relatie te optimaliseren om ervoor te zorgen dat het geld van de belastingbetaler zo goed mogelijk besteed wordt.  Helaas kwam dit onderwerp vooral recentelijk negatief in het nieuws. Dat merkten wij ook bij de drie ronde tafelgesprekken die PIANOo en de VHG, branchevereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners onlangs organiseerden. De deelnemers hadden het vaak over wantrouwen. Een aantal kernwoorden die hiermee verband houden waren: angst, krampachtig, cowboygedrag, conservatisme, en gebrek aan transparantie, kennis en controle. Gebrek aan vertrouwen dus.

Omdat het woord Vertrouwen zo centraal stond heb ik eens teruggebladerd in de scriptie die ik met een aantal collega’s heb geschreven voor mijn NEVI-PLP opleiding. Wij benoemden vertrouwen als een concept dat gerelateerd is op relaties. Het bestaat indien de vertrouwer geloof heeft in de oprechtheid, betrouwbaarheid en integriteit van de vertrouwde en daardoor bereid is om risico’s te nemen. Het is gebaseerd op de verwachting waarop de vertrouwde zich zal gedragen op basis van voorgaande ervaringen, huidige gedrag en behaalde resultaten. Wij koppelden vervolgens diverse vormen van vertrouwen aan het inkoopvolwassenheidsmodel en kwamen daarbij tot een aantal zorgelijke conclusies. De meeste inkooporganisaties (zowel publiek als privaat) bevinden zich ergens tussen fase 1 en 2 van dit model. Dart betekent dat ze vooral bezig zijn met het voldoen aan wet- en regelgeving en interne procedures. Zaken als geloop in competentie van de ander, betrouwbaarheid, wederzijds begrip en durven loslaten; allerlei begrippen die volgens mij behoren bij een professionele relatie, zijn gerelateerd aan fase 5. Een fase waarin slechts een heel enkele organisatie zich bevindt! Dat betekent dus dat het model niet klopt of dat we iets van elkaar verlangen dat we nog lang niet kunnen waarmaken. Gelukkig kwamen er oplossingen uit de verschillende bijeenkomsten om toch naar die fase toe te groeien. De sleutelwoorden die daarbij horen zijn Communicatie en Transparantie.


Communicatie begint al bij de voorbereiding van een aanbesteding, bij het vaststellen van de vraag. In die fase is de meeste winst te behalen. Betrek de markt bij die vraag, maak gebruik van de expertise, bijvoorbeeld door het houden van marktconsultaties. Wees daarbij wel transparant en bevoordeel geen partijen! Het behouden van het Level Playing Field noemen we dat in goed Nederlands. Tijdens de aanbesteding zijn er binnen de verschillende procedures mogelijkheden om contact met elkaar te hebben, bijvoorbeeld bij de prijsvraag , de concurrentiegerichte dialoog of door de methodiek van prestatie-inkoop. Maar zeker door het gebruik van de Nota van Inlichtingen. Ondernemers, vooral binnen het MKB stellen te weinig vragen over de procedure of het bestek. Angst voor het verlies van een opdracht wordt vaak als reden genoemd. Ook in de uitvoeringsfase blijft communicatie belangrijk. Niet alleen wanneer het niet goed lijkt te gaan, maar juist ook wanneer het goed gaat. Waarderen van elkaar competenties, respect voor het vakmanschap werd dat genoemd. Dat kweekt vertrouwen.  Helaas heeft vertrouwen tijd nodig om te groeien en is het ook zo weer weg als het een keer fout gaat. Vertrouwen komt te voet en gaat te paard luidt het gezegde dan ook. Integriteit van zowel opdrachtgever als opdrachtnemer is dus een eerste vereiste. Niet voor niets staat er bij de inleiding van de beschrijving van het overheids-inkooproces  op de PIANOo-website:

Bij het plaatsen van de inkoopopdracht op de markt gelden voor een publieke organisatie speciale regels om er voor te zorgen dat algemene beginselen van objectiviteit, transparantie en non-discriminatie worden geëerbiedigd.
De praktijk wijst uit hoe waar die woorden zijn. Het is de basis voor professioneel inkopen, het is de basis voor vertrouwen. Of in andere woorden: it takes two to tango.


vrijdag 29 augustus 2014

Het perverse effect van inkoopmacht



Vannacht lag ik wakker, heel lang wakker. Dat had te maken met twee nieuwsberichten.

Het eerste was dat het Rijk zich actief gaat bemoeien met tientallen gemeenten die de jeugdzorg maar niet geregeld krijgen. Tientallen? Ja, tientallen!! De verantwoordelijke bewindslieden hebben er geen vertrouwen in dat die gemeenten voor 1 januari klaar zijn voor hun nieuwe jeugdtaken.

Het tweede was dat zorgorganisatie Carinova stopt met thuiszorg omdat de bezuinigingen op de langdurige zorg tot veel onzekerheid leiden. Daardoor is  het onzeker of zo'n 3.000 mensen in de omgeving van Zwolle en Deventer ook volgend jaar nog thuishulp krijgen. De organisatie stopt omdat de bezuinigingen op de langdurige zorg tot veel onzekerheid leiden. Volgens de voorzitter van de Raad van Bestuur  duurt het te lang voordat de gemeenten duidelijkheid geven over de tarieven en de volumes die ze volgend jaar willen afnemen. Eerder was al bekend dat zo’n 1.000 medewerkers van deze organisatie hun baan zullen verliezen.

Is de situatie bij Carinova een voorbode van wat deze sector te wachten staat? Is  de zorg van de staatssecretarissen Van Rijn en Teeven terecht? Als ik het mij goed herinner moet per 1 oktober de inkoop voor 2015 rond zijn. Dat is nog een maand. Hoogleraar Jan Telgen geeft aan dat een verrassend groot aantal gemeenten in 2015 op nagenoeg dezelfde manier door gaat in plaats van echt te veranderen. Die gemeenten gaan volgens hem een soort AWBZ’tje spelen. Als dat het geval is, zou er toch weinig aan de hand moeten zijn. Zoek en vervang in de huidige contracten. Dat de decentralisatie dan geen transformatie wordt nemen we er de eerste twee jaren dan maar bij. De contractering en daarmee de zorg voor de burgers is immers geregeld.

Uit het voorbeeld van Carinova blijkt wat anders. Er gebeurt iets wat in inkooptermen een monopsonie heet. Een monopsonie treedt op in een markt waar slechts één koper, de monopsonist (de gemeente), aanwezig is. Er zijn echter wel meerdere verkopers (de zorgorganisaties). Het is dus het tegengestelde van een monopolie, waar er maar één verkoper is voor meerdere kopers. Een monopsonie kan gezien worden als een extreem voorbeeld van Buyer Power. 


Die definitie hield mij wakker. Buying Power, inkoopmacht.  Dat is toch is waar je volgens de inkoophandleidingen naar moet streven? Sterk staan in de markt. De laagste prijs binnenhalen. Voorwaarden dicteren en zo?  Nu zitten gemeenten in een positie waar ze inkoopmacht hebben en dan valt gelijk de markt om. Dat kan toch niet de bedoeling zijn. De oorzaak ken ik niet. Gissen kan ik wel. Volgens mij komt het doordat we te maken hebben met een onvolwassen markt. Gemeenten moeten inkopen op een markt die ze niet kennen. Het gaat dan ook nog eens om heel veel geld en de directe verantwoordelijkheid voor hun burgers. Geen wonder dat ze heel voorzichtig zijn en nog geen stappen (durven  te) zetten. Zorgorganisaties zijn waarschijnlijk nog geen verkopers en weten niet om te gaan met deze nieuwe situatie. Frappant is dat we deze situatie al eens eerder hebben meegemaakt bij Hulp in de Huishouding. Dat nooit meer, heb ik vaak horen zeggen.

Twee gescheiden werelden die samen moeten komen. Dat moet nu wel heel snel gaan gebeuren. Dat roept om een intensieve samenwerking, grondige marktkennis en vertrouwen in elkaar. Daarmee kom je hopelijk ook af van het AWBZ’tje spelen, krijgen innovaties een kans en komt die transformatie er wel.

Dan heb je ook een win-winwin. Voor zorgondernemers, voor gemeenten en voor burgers. Dan verandert  Inkoopmacht in Inkooppracht. 


vrijdag 15 augustus 2014

Maatschappelijk aanbesteden


Het lijkt of er weer een nieuw balletje is opgegooid dat de overheidsinkoper in de lucht mag gaan houden: maatschappelijk aanbesteden.
Bij maatschappelijk aanbesteden gaat het om publieke taken die geheel of gedeeltelijk worden overgedragen aan burgers, ondernemers of maatschappelijke instellingen. Door hun betrokkenheid komt de menselijke maat weer in beeld, waarin mensen zich meer herkennen dan in grote onpersoonlijke instituties. De focus ligt hierbij op samenwerking in een nieuwe rolverdeling  vanuit de gedachte dat voor veel complexe vraagstukken meerdere partijen nodig zijn.

Dat lijkt iets nieuws. Maar dat is het eigenlijk niet. Gemeentelijk inkopers zijn, zonder dat zich er misschien bewust van te zijn, al bezig met dit onderwerp. De aanbestedingswet verplicht namelijk een aanbestedende dienst zoveel mogelijk maatschappelijke waarde te genereren met de publieke middelen. Maatschappelijke waarde? Dat is interessant. Volgens mij is de doelstelling van maatschappelijk aanbesteden nou juist het creëren van maatschappelijke waarde. Dat komt even mooi uit!

En dat komen nog andere wetten om de hoek kijken. Per 1 januari 2015 worden gemeenten namelijk verantwoordelijk voor een aantal nieuwe taken op het gebied van jeugdzorg, werk en inkomen en zorg voor langdurig zieken en ouderen (Jeugdwet, Participatiewet en WMO). Gemeenten moeten toe naar een werkwijze waarin eigen kracht veel meer op de voorgrond staat, waarin meer ruimte gegeven wordt aan bewoners en mensen die zelf initiatief nemen. Sterker nog, met de Participatiewet is het de bedoeling dat mensen eerst kijken of de hulp niet buiten de gemeente om kan worden geregeld. Dat is maatschappelijke waarde creëren en dat is dus maatschappelijk aanbesteden. Dat is de basis voor de participatiesamenleving (woord van het jaar 2013).

Ik vind dit vanuit inkoop helemaal passen in de beweging van inkoop 1.0 (laagste prijs), via inkoop 2.0 (EMVI) naar inkoop 3.0 (waarde creatie). Maar het vraagt nogal wat. Het vraagt om loslaten, samenwerken, verantwoordelijkheid geven, maar ook nemen. Dat zijn zaken waar wij als overheid nogal eens moeite mee hebben. Het vraagt ook om nog iets anders. Vertrouwen. Misschien is dat wel geeneens iets heel anders, maar is dit juist het kernbegrip.
Vertrouwen moet zich ontwikkelen. Met de Aanbestedingswet en Jeugdwet, Participatiewet en WMO is de basis gelegd. Binnen gemeenten zijn er genoeg mensen die maatschappelijke waarde willen helpen creëren. En die hulp blijkt online via marktplaatsen in ieder geval te worden aangeboden. Meer dan genoeg zelfs. De Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie concludeert dan ook dat er meer hulpaanbod is dan dat er aan hulpvragen bestaat.

Het balletje hoeft dus niet in de lucht gehouden te worden, maar ligt wel bij de gemeenten en de gemeentelijke inkopers. Het goede nieuws voor de inkopers is dat het creëren van waarde de hoogste stap van het inkoopvolwassenheidsmodel is.
Met andere woorden: maatschappelijk aanbesteden is inkoopprofessionaliteit ten top!